Terug naar de bibliotheek

Nieuwe Buren

Lucas verhuist van Spanje naar Utrecht en zoekt naar manieren om nieuwe mensen te ontmoeten.

Tekstgrootte:
Lettertype:
Audio-voorleesbegeleiding Beta Gepauzeerd
0:00 5:12

Lucas zucht. Hij kijkt naar de dozen in zijn woonkamer. Drie weken geleden is hij verhuisd van Madrid naar Utrecht. Hij heeft een nieuwe baan als programmeur bij een bedrijf in het centrum. De stad is prachtig, met de grachten en de fietsen, maar Lucas voelt zich een beetje eenzaam. Hij spreekt Spaans en Engels, en hij leert nu Nederlands. Hij wil heel graag nieuwe mensen ontmoeten en vrienden maken.

“Hoe kan ik hier contact maken met mensen?” vraagt hij zich af. In Spanje is het makkelijk. Je gaat naar buiten en je praat met mensen op straat of in een café. Maar in Nederland lijkt iedereen druk. Iedereen fietst snel voorbij.

Zijn buurvrouw, Annelies, klopt op zijn deur. Ze brengt een klein taartje. “Welkom in de buurt!” zegt ze vriendelijk. Lucas glimlacht. “Dank je wel, Annelies. Kom binnen!” Ze drinken koffie en praten. Het gesprek is in het Nederlands, heel langzaam. “Vind je Utrecht leuk?” vraagt Annelies. “Ja, heel leuk,” antwoordt Lucas. “Maar het is een beetje stil. Ik ken nog niemand (andere buren).” Annelies knikt begrijpend. “Nederlanders plannen hun leven heel strak. Je moet een afspraak maken. Maar er zijn veel manieren om mensen te ontmoeten. Ben je lid van een sportclub?” “Nee,” zegt Lucas. “Ik sport niet zo vaak.” “Houd je van spelletjes?” vraagt ze. “Er is een gezellig café in de buurt. Elke donderdagavond organiseren ze een spelletjesavond. Mensen komen daar om bordspellen te spelen en nieuwe mensen te ontmoeten. Het is heel open.”

Lucas vindt dat een geweldig idee. Hij houdt van bordspellen zoals Kolonisten van Catan. “Dat klinkt leuk! Moet ik mij aanmelden?” “Nee hoor, je kunt gewoon binnenlopen vanaf acht uur,” zegt Annelies.

Donderdagavond is Lucas een beetje zenuwachtig. Hij loopt naar het café. Het heet De Koffiepot. Binnen is het warm en gezellig. Er hangt een zacht licht en er klinkt rustige muziek. Er zijn ongeveer twintig mensen. Ze zitten aan houten tafels met bordspellen en praten luid.

Een man met een baard ziet Lucas staan en zwaait naar hem. “Hoi! Wil je meespelen? We zoeken nog één persoon voor Catan.” Lucas ademt diep in en loopt naar de tafel. “Hoi, ja graag! Ik ben Lucas.” “Ik ben Daan,” zegt de man met de baard. “En dit zijn Sarah en Kenji.”

Ze beginnen te spelen. Lucas moet goed luisteren naar de regels in het Nederlands. Soms begrijpt hij een woord niet, maar Daan legt het geduldig uit. Lucas leert woorden zoals ‘ruilen’, ‘grondstoffen’ en ‘bouwen’. Tijdens het spel praten ze ook over andere dingen. Sarah vertelt over haar studie, en Kenji vertelt dat hij ook uit het buitenland komt (Japan).

De sfeer is erg ontspannen. Ze lachen veel. Lucas merkt dat hij zijn zenuwen vergeet. Hij praat, lacht en drinkt een Nederlands biertje. Aan het einde van de avond heeft Lucas niet gewonnen, maar hij heeft wel iets beters: de telefoonnummers van Daan en Sarah.

“Volgende week weer?” vraagt Daan. “Zeker weten!” antwoordt Lucas met een grote glimlach. Hij loopt terug naar huis door de rustige straten van Utrecht. De dozen in zijn woonkamer staan er nog, maar Utrecht voelt nu al veel meer als thuis.